De fijne stad

Vijf wegen naar een fijne stad

Hoe kunnen we anders kijken naar de openbare ruimte? Vincent Luyendijk schreef het boek De Fijne Stad om de creativiteit aan te wakkeren en ideeën te delen. Hij reisde met zijn gezin door Scandinavië, sprak met experts en verzamelde voorbeelden uit binnen- en buitenland. Vraag bijvoorbeeld eens aan schoolkinderen hoe zij de stad willen inrichten.

Samen met Vincent maakte ik vijf podcast-afleveringen, met als thema De Fijne Stad, die samen de kapstok vormen voor zijn boek, vertelt Vincent. “Die afleveringen zijn uitgewerkt in vijf thema’s: de bereikbare stad, de actieve stad, de natuurlijke stad, de klimaatbestendige stad en de geleefde stad. Ik was van plan om een boek te maken van tweehonderd pagina’s, maar tijdens het schrijven werd ik steeds enthousiaster. Ik betrok er meer experts bij, mensen die ook meedachten, en het is een boek van bijna 420 pagina’s geworden.”

Beeldend boek

Vincent gebruikt verbeelding als instrument om mensen te laten nadenken hoe het ook anders kan in de stad. “Ik laat zien dat het kan, dat het overal al gebeurt. Daar kunnen mensen van leren, bijvoorbeeld om op een andere manier naar een ruimte te kijken, of je nou wethouder, beleidsmaker of inwoner bent.”

Wat is nou een fijne stad? Dat kun je helemaal uittekenen en ontwerpen, maar het is vooral een gevoel, legt Vincent uit. “Met mijn gezin heb ik maanden door Scandinavië gereisd om plekken te bezoeken waar bijzondere, creatieve initiatieven zijn ontstaan om de stad beter en prettiger te maken. In een plaats in Finland wordt bijvoorbeeld vol ingezet op fietsverkeer. Maar die stad ligt tegen de poolcirkel, dus het is er donker en het sneeuwt er vaak in de winter. Daarom gaan er ’s ochtends om vijf uur allemaal sneeuwschuivers op weg om de fietspaden veilig te maken voor de kinderen die naar school fietsen. De winter cycling capital of the world, noemen ze zichzelf. En als het daar kan, waarom dan niet in Nederland?”

Zet je pingpongtafel op straat

Vincent adviseerde me om als eerste interview voor onze reeks Marco te Brömmelstroet te interviewen. Ik sprak hem over ‘het recht van de snelste’. Vincent: “De auto neemt veel openbare ruimte in. Eén iemand in de auto neemt zes keer zoveel plek in als iemand op de fiets of lopend. Moet je je voorstellen dat jij je tafeltennistafel op de straat zou zetten, of altijd een stukje van de stoep zou reserveren voor je barbecue. Dat is niet normaal, maar altijd plek voor auto’s in de openbare ruimte is dat wel.”

Het thema De actieve stad wordt ingeleid door een gesprek met Wendy van Kessel. Zij legt uit hoe je de stad zo kunt inrichten, dat mensen gemotiveerd worden om meer te bewegen. “Dat is niet alleen sporten, maar bewegen in de brede zin van het woord. Tuinieren, slenteren, spelen, noem maar op,” licht Vincent toe. “We moeten eigenlijk alles op alles zetten om kinderen lopend of fietsend naar school te laten gaan, het liefst zelfstandig. Veel discussies rondom dat idee gaan over veiligheid. Terwijl kinderen, als je het ze zou vragen, misschien willen denken over leuke routes naar school, slingerpaadjes door het groen of stapstenen over het water, klimmuren onderweg of een hinkelbaan. Door dat soort ontwerpprincipes los te laten, wordt de weg naar school weer leuk. In de stad Billund is dat uitgevoerd, daar lopen kindersluiproutes door de wijken. En voor volwassenen geldt ook: op de heenweg naar je werk kies je vaak de kortste, snelste route, maar op de terugweg wil je best een beetje omrijden om een leuke route te volgen. Door het park of langs het water, zodat je nog eens ergens komt.”

Groen schoolplein

Die waarde van natuur en groen kwam ook naar voren in het gesprek met Marian Stuiver. Ik interviewde haar over de symbiotische stad, waar mensen en natuur in wederzijdse afhankelijkheid samenleven. Vincent: “Vergroenen van steden, daar kan niemand toch tegen zijn? Dat is voor iedereen goed. Winkeliers zijn blij met een groene winkelstraat, want het wordt een prettigere, koelere plek. Dat komt economische waarden als een langere verblijftijd en een lagere leegstand ten goede. Ook het schoolplein mag groener, met als voordeel dat er minder wordt gepest op een groen-blauw schoolplein. Als je dat weet, is het toch bizar dat we niet als de wiedeweerga alle schoolpleinen groener maken?”

Ook in het interview met Anne Loes Nillessen kwam de groeiende rol van groen naar voren. Wij spraken elkaar over water en de verschillende dimensies daarvan. “We moeten onze steden inrichten als sponssteden, legde zij uit. Bij het bouwen van steden houden we rekening met de bui van de eeuw, een gigantische regenbui die maar eens in de honderd jaar zou voorkomen. Het probleem is dat het tegenwoordig vaker zo hard regent. Daar moeten we onze modellen op aanpassen. Waterschaarste, droogte en hitte spelen daarbij een rol. Want als een buurt groen is, kan dat 10 tot 20 graden schelen op een warme dag.”

Gekke buurman

Het laatste interview in deze reeks was met Wouter Veldhuis, over de geleefde stad. Dat betekent een stad die zich aanpast aan haar bewoners, in plaats van andersom. Wouter vertelde dat er groot verschil is tussen een geplande stad, bedacht door stedenbouwkundigen en beleidsmakers, en de geleefde stad, hoe de stad uiteindelijk wordt gebruikt. Hij vindt ook dat bewoners meer invloed moeten hebben om hun leefomgeving. Daar zal heus wel eens een buurman tussen zitten die iets geks doet, maar over het algemeen wordt een stad daar beter van. Vincent: “In Bogot kunnen al sinds de jaren zeventig bewoners eens in de week de straat gebruiken voor wat ze maar willen. Mensen gaan fietsen, lopen, skaten, yoga doen of dansen op de straten. Elk weekend zijn dat meer dan een miljoen mensen die ruimte pakken om te doen wat ze graag willen doen.”

Biodiversiteit

De waarden die Vincent beschrijft in De Fijne Stad, hangen uiteraard met elkaar samen. Al wordt er maar een tegel uit de stoep gewipt om wat planten te laten groeien, het helpt allemaal. “De euforie als je ziet wat daar groeit, wat er gebeurt met je geveltuin of met je straat. De biodiversiteit groeit enorm. Dat zie je bioblitz-acties, waarbij mensen 24 uur gaan registreren wat er allemaal leeft en groeit in hun achtertuin. Die komen tot 2.000 verschillende soorten!”

Meer informatie over De Fijne Stad: https://www.defijnestad.nl/. Daar is ook het boek te bestellen.

Luister naar: #153. De stad opnieuw uitvinden, met Vincent Luyendijk

Foto: Joey Kyber (UnSplash)

Deel deze blog:

Nieuw: via Ecosofie Academy

Training Duurzame ambitie

Besteed je de 80.000 uur die een gemiddelde carrière telt wel optimaal om duurzaamheid te bevorderen? In dit programma ga je die vragen onderzoeken én word je geholpen om tot concrete acties te komen.